Coronaprotocol door werkgever toelaatbaar?

Gepubliceerd op: 30 december 2021

Bij uitspraak van 14 december 2021 van de kantonrechter te Amsterdam is antwoord gegeven op de volgende rechtsvraag:

Is het coronaprotocol van de werkgever om haar werknemers te vragen om 1 keer per week een zelftest te doen en bij een positieve zelftest de werkgever te informeren toelaatbaar?

Feiten

In het onderhavige geval gaat het om een werknemer welke sinds 2006 in dienst is als danser. Werkgever heeft haar werknemer verzocht om zich in voorkomende gevallen te laten testen op het coronavirus. De werkgever stelde hiervoor zelftesten beschikbaar. Bij een positief testresultaat dient de werkgever te worden geïnformeerd en dient werknemer thuis te blijven en zich te laten testen door de GGD. Werknemer wilde hier niet aan meewerken, reden waarom de werkgever heeft besloten om de werknemer te schorsen en de salarisbetaling aan de werknemer stop te zetten.

Argumenten werknemer

De werknemer vordert in kort geding – kort gezegd – wedertewerkstelling en loondoorbetaling. Met betrekking tot het coronaprotocol stelt de werknemer de volgende bezwaren:

  1. De eis om te testen welke werkgever aan werknemer stelt schendt zijn grondrechten inzake privacy en lichamelijke integriteit;
  2. Er ontbreekt een wettelijke grondslag voor een dergelijke eis;
  3. De maatregel is niet proportioneel; en
  4. Niet geschikt om een veilige werkomgeving te scheppen.

Argumenten werkgever

De werkgever stelt dat het coronaprotocol toelaatbaar is gezien haar verplichting om een veilige werkomgeving te scheppen (art. 7:658 BW en de Arbowet) óók als dat inperking van grondrechten met zich brengt.

Oordeel rechter

Grondrechten

De kantonrechter oordeelt dat het onderdeel verplichten tot testen en het moeten meedelen van de uitslag ervan aan werkgever, een schending van de privacy en van de lichamelijke integriteit van de werknemer oplevert. Dat hier een spanningsveld kan komen te liggen tussen het bieden van een veilige werkomgeving en de privacy/persoonlijke integriteit van de werknemer is al van vóór corona bekend. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft op 15 maart 2019 in een nieuwsbericht in het kader van gegevenswerking opgemerkt dat wetgeving voor het testen op alcohol, drugs of geneesmiddelen tijdens werktijd vereist is. Voor het testen op corona ligt dit wezenlijk niet anders. Dat hiervoor geen wetgeving bestaat, maakt echter niet dat de testmaatregel van werkgever verboden is (r.o. 6).

Redelijk testbeleid

Aangezien werknemer danser is en bij repetities en uitvoeringen in nauw contact komt met mededansers is het coronaprotocol van werkgever redelijk. Door het coronaprotocol wordt het risico beperkt dat de dansers die wel of niet gevaccineerd zijn in aanraking komen met iemand die corona heeft. De maatregel kan -naast de normale bij werkgeefster geldende veiligheidsregels, zoals afstand houden, handen wassen en een mondkapje dragen- als (minimaal) noodzakelijk worden aangemerkt om een veilige werkomgeving te scheppen voor de dansers (en hun naasten) gedurende de coronapandemie. Een minder verstrekkend middel om hetzelfde doel te bereiken is niet genoemd en niet goed voorstelbaar.

Daarnaast is de maatregel ook proportioneel. Kortom, het doel van werkgever om door de maatregel een veiligere werkomgeving te scheppen weegt zwaarder dan het bezwaar van werknemer tegen het testen en het delen van de uitslag ervan. De bestreden inbreuk op de grondrechten van werknemer is hiermee gerechtvaardigd.

Werknemer heeft nog gesteld dat schorsing een te verstrekkende maatregel is voor zijn weigering om zich te (laten) testen. Hij kan zijn werkzaamheden anders dan dansen blijven doen. Werknemer stelt dat de werkzaamheden van werknemer voor vrijwel 100% contact op minder dan 1,5 meter met zich brengt. Werknemer heeft dit onvoldoende weersproken. Tegen die achtergrond is het testbeleid van werkgever redelijk. De kantonrechter oordeelt dat het aldus voldoende aannemelijk is geworden dat werkgever, door de weigering van werknemer daaraan mee te werken, tot schorsing van hem diende over te gaan. De vorderingen van werknemer worden dan ook afgewezen.

De volledige uitspraak kunt u vinden op de website van de rechtspraak (ECLI:NL:RBAMS:2021:7321, Ar-Updates.nl 2021-1581).

Indien u vragen heeft als werknemer of werkgever over een dergelijk coronaprotocol, dan kunt u contact opnemen met ons kantoor.

VQ Advocaten kan u o.a. helpen bij:

Opzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte

Opzegging van een huurovereenkomst (artikel 7:290 BW-bedrijfsruimte) is aan een aantal formaliteiten verbonden. Zo is de opzegtermijn tenminste één jaar en dient de opzegging per exploot of aangetekende brief te worden gedaan. Voor de verhuurder geldt tevens dat de gronden van de opzegging moeten worden vermeld.

Wanbetaling

Een ondernemer kan helaas te maken krijgen met wanbetaling. Een opdrachtgever of afnemer laat een rekening onbetaald. Op een aanmaning wordt niet gereageerd. De wederpartij zoekt duidelijk uitvluchten. U kunt natuurlijk wekelijks bellen of een herinnering sturen, echter indien dat geen effect heeft is nadere actie nodig.

Opzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte

Opzegging van een huurovereenkomst (artikel 7:290 BW-bedrijfsruimte) is aan een aantal formaliteiten verbonden. Zo is de opzegtermijn tenminste één jaar en dient de opzegging per exploot of aangetekende brief te worden gedaan. Voor de verhuurder geldt tevens dat de gronden van de opzegging moeten worden vermeld.

Huurovereenkomst bedrijfsruimte

Bedrijfsruimte betreft de huur voor een ruimte waarin de huurder zijn onderneming drijft. Dit wordt ook vaak aangeduid als winkelruimte. Hieronder vallen een restaurant- of cafébedrijf, een afhaal- of besteldienst of een ambachtsbedrijf. In de verhuurde ruimte dient een voor het publiek toegankelijk lokaal te zijn, voor rechtsreeks levering van roerende zaken of dienstverlening. De bepaling over een dergelijke ruimte is opgenomen in artikel 7:290 BW. Hierdoor wordt vaak gesproken over artikel 7:290 BW-bedrijfsruimte.

Laat ons u helpen.

Volgt u VQ Advocaten al op social media? 

Contact

Gegevens

De Vriesstraat 16
3261 PC Oud-Beijerland
Postbus 1121
3260 AC Oud-Beijerland
Telefoon: 0186-614477 en 0186-727002 (PL)
KvK: 24316650

BTW: 8098.05170.B01

PrivacyverklaringAlgemene Voorwaarden